ELZC: Eerste Limburgse Zweefvlieg Club

Transport van vliegtuigen door eendjes

Vliegen. Onze passie.

Zweefvliegen en motorzweven in het mooie Limburgse Schinveld.

Zweefvliegen is een prachtige hobby. Zweven hoog in de lucht met alleen het windgeruis om de cockpit. Urenlang van wolk naar wolk vliegen. Samen met roofvogels in een thermiekbel draaien. Zweefvliegen is verslavend.

De start van een zweefvliegvlucht

Een vlucht in een zweefvliegtuig begint bij onze vereniging meestal met een lierstart. Nadat het vliegtuig aan een 1000 meter lange Dyneema-kabel gehaakt wordt, rolt de lier de kabel op en wordt het toestel versneld. Het vliegtuig gaat dan met een snelheid van ongeveer 100 km/u de lucht in. Er wordt meestal een hoogte bereikt van 400 meter tot 500 meter. Na het ontkoppelen van de kabel kan het vliegtuig beginnen met zijn vlucht: vogelvrij op zoek naar thermiek!

Thermiek, de natuurlijke motor van een zweefvliegtuig

Na de start begint het zoeken naar thermiek. Thermiek is warme, opstijgende lucht die ontstaat doordat de zon het aardoppervlak verwarmd. De verwarmde lucht is lichter dan de omgevende lucht en stijgt daarom op. Zweefvliegtuigen gebruiken deze zogenoemde 'thermiekbellen' om te stijgen. Zo kunnen op goed thermische dagen in Schinveld hoogtes van wel 2 kilometer Een Cumuluswolk zorgt voor goede thermiekbereikt worden!

Het is de bedoeling om zo snel mogelijk na de start een thermiekbel te vinden die het zweefvliegtuig verder omhoog brengt. Zolang er thermiek is kan het zweefvliegtuig blijven vliegen. Een deel van de vliegopleiding zal dan ook bestaan uit het opsporen van thermiek en zodanig in de bel blijven dat je zo snel mogelijk omhoog gaat.

Het vliegseizoen

Het vliegseizoen begint bij de ELZC in april en eindigt in oktober. Gedurende het vliegseizoen wordt er elk weekend gevlogen, daarnaast zijn er regelmatig vliegdagen op weekdagen.

In de winterperiode, van november tot en met maart vindt het onderhoud aan de vliegtuigen, het materieel, de gebouwen en het veld plaats.


Teamsport

Zweefvliegen is een echte teamsport. Om een zweefvliegtuig de lucht in te helpen zijn er minstens 9 mensen nodig, allemaal met hun eigen taak. Naast het daadwerkelijk zweefvliegen helpt iedereen daarom mee om het vliegbedrijf op gang te houden.

Een vliegdag

De vliegdag begint om 9 uur 's ochtends met een briefing. Na de briefing worden alle vliegtuigen naar de startplaats gebracht. Dan kan het vliegen beginnen.

Al gauw wordt de eerste start gemaakt. Dit kan als alles voorbereid is en iedereen zijn taken kent: op het zweefvliegveld moeten vliegtuigen aangehaakt worden, licht gegeven worden, de lier moet bediend worden en vliegtuigen die geland zijn moeten uit het veld gehaald worden. Kortom, er is genoeg te doen op het vliegveld!

Op een vliegdag maak je een aantal starts per dag. Dit kunnen korte starts zijn, maar ook langere thermische starts. De eindtijd van een vliegdag staat nooit van te voren vast. Een ding staat wél vast, als je naar huis gaat heb je er een super leuke en gezellige dag opzitten en lekker gevlogen!

Eens een vliegdag meemaken? Dat kan! Vraag hier meer informatie aan